|
Touch&Tell
|
|
|
Sofie Dieltjens
sofie.dieltjens@gmail.com
Promotor: Karel Renckens, First-of-Kind Solutions
Sinds enkele jaren winnen de opvattingen over het ‘nieuwe leren’ aan populariteit in het onderwijs. Scholen zijn op zoek naar manieren om de pijlers van deze nieuwe aanpak van leren waarbij de leerling centraal staat te implementeren. Ze zoeken naar lesmethodes om ervaring, interactie en zelfstandigheid van de student te kunnen bewerkstelligen. Touch&Tell is een interactieve leeromgeving voor het basisonderwijs waarin ervaring, interactie en personalisering centraal staan, waardoor het inspeelt op deze nood. Het stemt de fysieke en de virtuele leeromgeving op elkaar af. Door digitale data te linken aan tastbare voorwerpen met behulp van NFC-technologie kunnen objecten hun verhaal vertellen. Leerlingen worden gestimuleerd om deze verhalen te onderzoeken en verwerken.
Onderzoek van de doelgroep
Om de kenmerken en noden van de doelgroep te leren kennen werd onderzoek gedaan naar de gebruiker. Het nieuwe leren werd hiervoor onder de loep genomen. Ook werd gekeken naar opkomende trends in het onderwijs, zowel bij leerlingen als leerkrachten. Deze principes en trends vormden de basis van het ontwerp.
4 verschillende voorwerpen worden gebruikt in deze intelligente leeromgeving:
Tags
Door voorwerpen te voorzien van een NFC-tag kunnen ze opgenomen worden in het systeem. De code op de tag wordt gelezen en het bijbehorende lesmateriaal kan getoond worden.
|

|
Reader
Door leerlingen een reader te geven, kunnen ze op verplaatsing voorwerpen lezen. De reader leest en onthoudt de codes en geeft ze daarna weer af aan het werkstation. Eventueel kan ook goed/fout feedback gegeven worden.
|
Werkstation
Het werkstation bevat de intelligentie van het systeem. Het leest NFC-tags, zoekt de bijbehorende multimediale data op in de database en toont deze aan de leerlingen. De leerlingen kunnen oefeningen maken door gebruik te maken van de getagde voorwerpen en het touch screen waarmee het werkstation uitgerust is.
| |
ID-tag
Elke leerling heeft een ID-tag waarmee hij zich inlogt in het systeem. Zo kunnen de resultaten en evolutie van de leerling bijgehouden worden. De leerkracht kan dan snel inspelen op eventuele leerproblemen. Ook kan door deze ID-tag aangepaste leerstof voorzien worden.
|
|
|
Het scherm van het werkstation kan virtueel in twee gedeeld worden en twee werkstations kunnen aan elkaar gekoppeld worden, waardoor drie werkvormen mogelijk worden: individueel werk, werk in kleine groepjes en werk in grotere groepen. Voor klassikale lessen kan het werkstation gekoppeld worden aan de bestaande klasinfrastructuur zoals projector of smartboard.
|